Op deze dag wordt in de Oostenrijkse hoofdstad Wenen Helmuth Koinigg geboren. Hij is al enkel jaren actief in diverse autosportdisciplines – toerwagens, Formule Super Vee en sportwagens – wanneer hij in 1974 de overstap maakt naar de Formule 1. Voor eigen publiek probeert hij zich in een Brabham te kwalificeren voor de Oostenrijkse Grote Prijs, doch hij haalt de startgrid niet.
Zijn debuut komt er eind 1974 alsnog in de Canadese Grote Prijs op Mosport, waar hij de tweede Surtees mag besturen. Hij kwalificeert zich voor de race en mag zo zijn echte Formule 1-debuut vieren. Koinigg, die als 22ste start, rijdt een opmerkelijke race en finisht als tiende, op twee ronden van winnaar Emerson Fittipaldi maar vóór veel meer ervaren rijders als Rolf Stommelen, Mark Donohue, Jacky Ickx en Graham Hill. De Oostenrijker krijgt na de race lofbetuigingen uit diverse hoeken voor zijn debuut en lijkt een aanwinst te worden voor de Formule 1 en een belofte voor 1975.
Zover zal het echter nooit komen. Twee weken later, op 6 oktober 1974, wordt in het Amerikaanse Watkins Glen de slotrace van het wereldkampioenschap verreden. Koinigg kwalificeert zich als 23ste en rijdt in het middenveld rond wanneer hij na tien ronden ineens een lekke band krijgt en van de baan vliegt. De Surtees crasht tegen de vangrails, waarbij de onderste rail afbreekt en de wagen vervolgens onder de intact gebleven bovenste rail door schiet. Koinigg wordt bij het ongeluk onthoofd en is op slag dood.
De wedstrijd gaat ondertussen gewoon door. Tweede Surtees-coureur José Dolhem wordt door teambaas John Surtees uit de race gehaald, maar voor de rest heeft iedereen enkel aandacht voor de titelstrijd tussen Emerson Fittipaldi en Clay Regazzoni, die nog steeds niet beslist is. Pas na de race wordt de rest van de rijders op de hoogte gebracht van het drama dat zich kort voordien voltrokken heeft. Een drama dat volkomen nutteloos was, aangezien men geen lessen getrokken had uit het ongeval van het Schotse talent Gerry Birrell, die een jaar eerder in Rouen bij een Formule 2-wedstrijd in nagenoeg identieke omstandigheden de dood vond.
Helmuth Koinigg werd net geen 26 jaar oud. Hij is één van de vele Oostenrijkse Formule 1-coureurs die door het noodlot getroffen werden. Naast Koinigg vonden ook nog Jochen Rindt (1970), Jo Gartner (in de 24 Uur van Le Mans van 1986) en Roland Ratzenberger (1994) de dood achter het stuur, terwijl Helmut Marko (1972) en Karl Wendlinger (1994) hun carrière gefnuikt zagen na een zwaar ongeluk. Daarnaast waren er ook nog de zware ongevallen van Niki Lauda (1976) en Gerhard Berger (1989), die beiden door het oog van de naald kropen en ternauwernood uit hun brandende Ferrari gered werden.