15 juni 1986
Race 6: Grote Prijs van Canada
Circuit Gilles Villeneuve, Montréal
69 ronden van 4,410 km. Totaal: 304,290 km
Weer: droog, zonnig en warm
In juni trekt het Formule 1-circus traditiegetrouw de Atlantische Oceaan over voor de Noord-Amerikaanse toernee, met twee Grote Prijzen in twee weekends tijd: Canada en de V.S. Plaats van afspraak in Canada is traditiegetrouw het Circuit Gilles Villeneuve nabij Montréal. De omloop, die in 1978 zijn deuren opende, heeft na 36 jaar op het eerste zicht nog altijd grotendeels dezelfde lay-out als bij de eerste editie, al komen er bij iets nadere inspectie toch een paar duidelijke verschillen aan het licht.
In 1986 ligt de start/finishlijn nog steeds vlak na de bekende haarspeldbocht, terwijl het snelle rechte stuk dat nu naar de finish leidt ontscherpt wordt door een flauwe rechts/links-combinatie. En de huidige chicane voor start/finish, aan de beruchte ‘Wall Of Champions’, wordt een stuk sneller dan tegenwoordig genomen.
Na een onderbreking in 1987, veroorzaakt door een sponsordispuut, keert de Canadese Grote Prijs in 1988 terug op de kalender op een gemoderniseerd circuit, met gloednieuwe pitgebouwen, en verhuist ook de start/finishlijn naar de huidige plaats. Er zal dit jaar echter nog voor een laatste keer op de originele configuratie van het circuit gereden worden.

De omloop van Montréal in 1986
In de drie weken na de Grote Prijs van België hebben de teams die getroffen werden door het noodlot hun effectieven weer op sterkte gebracht. De tweede Brabham zal vanaf Canada voor de rest van het jaar bestuurd worden door Derek Warwick. De Brit, die na het veto van Ayrton Senna bij Lotus geen zitje meer vond en uitweek naar het WK Sportwagens, maakt zo zijn wederoptreden in de Formule 1.
Warwick dankt zijn zitje vooral aan zijn tact en respect, zo blijkt: hij is de enige potentiële kandidaat die na de dood van Elio de Angelis niet onmiddellijk Bernie Ecclestone opbelde met de vraag om het vrijgekomen stoeltje te krijgen!

Derek Warwick keert terug in de Formule 1
Arrows, dat na het zware rally-ongeval van Marc Surer eveneens om een nieuwe piloot verlegen zit, heeft inmiddels een akkoord gesloten met Osella-coureur Christian Danner, die op voorspraak van BMW het team zal vervoegen. Omwille van contractuele bepalingen kan de Duitser pas bij de volgende race, een week later in het Amerikaanse Detroit, definitief de overstap maken. Arrows vaardigt daarom enkel Thierry Boutsen af in Canada.
De eerste vrije training op vrijdag wordt geteisterd door regenweer, waarbij Teo Fabi (Benetton) met flinke snelheid tegen de pitmuur vliegt en men zich in de pits zelf gelukkig mag prijzen dat slechts één monteur lichte verwondingen oploopt door rondvliegende brokstukken. Op een opdrogende baan is Ayrton Senna (Lotus) ’s namiddags andermaal de snelste, maar de definitieve startopstelling wordt op zaterdag bepaald.
En het is Nigel Mansell (Williams) die zijn eerste pole van het lopende seizoen pakt, voor Senna, Nelson Piquet in de tweede Williams en de McLarens van Alain Prost en Keke Rosberg, die gescheiden worden door de verrassend snelle René Arnoux (Ligier). Gerhard Berger (Benetton), Jacques Laffite in de tweede Ligier en het Brabham-duo Riccardo Patrese en Derek Warwick vervolledigen de top tien.
In de warm-up op zondag is er opnieuw consternatie, wanneer Patrick Tambay (Lola) zwaar crasht. De Fransman blesseert zich hierbij aan de voet en moet afzien van deelname aan de race. Ook voor de volgende wedstrijd zal hij forfait moeten geven.
Nigel Mansell neemt vanop de pole een perfecte start en slaat onmiddellijk een kloof met Senna. De Braziliaan is in zijn Lotus in race-trim eens te meer een stuk trager dan in de kwalificaties, waardoor zich achter hem een treintje vormt bestaande uit Prost, Piquet, Rosberg, Arnoux en Berger. Na enkele ronden begeeft Senna uiteindelijk onder de druk van Prost en de Lotus-coureur valt snel terug naar de zesde plaats. Hij zal nadien geen rol van betekenis meer spelen in de strijd voor de zege.

Start van de race. (Foto: F1DeviantArt)
Nu de achtervolgers van Mansell eindelijk verlost zijn van Senna, weten ze het gat met de koploper snel weer te dichten. De Brit rijdt echter een tactische race, waarbij hij banden en brandstof spaart. Hij laat Rosberg, die stuivertje gewisseld heeft met zijn teamgenoot, zonder veel tegenstand passeren en kijkt de kat uit de boom. Wanneer beiden zich na een tijdje opmaken om Alan Jones (Lola) op een ronde te zetten, profiteert Mansell vervolgens van een aarzeling van de Fin om opnieuw de kop over te nemen.
De bandenstops brengen niet veel verandering in de situatie. Mansell en Rosberg behouden hun posities, Piquet wordt derde nadat Prost problemen kent bij zijn eigen stop. De Braziliaan neemt vervolgens Rosberg te grazen en zet de achtervolging in op zijn eigen teamgenoot, die nog steeds aan de leiding rijdt. Rosberg, die te veel van zijn brandstof gevergd heeft, moet achter hem Prost voor laten gaan.
Maar ook Piquet heeft zich vergaloppeerd en moet binnenkomen voor een extra bandenstop, die hem naar de vierde plaats terugwerpt. De Braziliaan kan de laatste podiumplaats nog terugpakken van Rosberg, maar de koplopers zijn inmiddels buiten schot.
Mansell haalt het uiteindelijk voor Prost, Piquet, Rosberg, Senna en Arnoux. Zijn overwinning komt op geen enkel moment in gevaar. In de WK-stand komt hij nu op gelijke hoogte met Senna, op twee puntjes van Prost, die door zijn tweede plaats het haasje-over spelletje aan de kop van de rangschikking verder zet. Bij de constructeurs neemt Williams opnieuw de leiding over van McLaren.
Mansell, die lang als een eeuwige belofte gold en pas eind 1985 zijn eerste Formule 1-zege pakte, kent in Montréal niet enkel een perfect weekend maar rijdt bovendien de hele tijd als een potentieel wereldkampioen rond. Voor het Williams-team, dat in het tussenseizoen Nelson Piquet voor veel geld binnenrijfde om de wereldtitel terug te halen, zal dit later in het seizoen nog voor de nodige kopbrekens zorgen.

Nigel Mansell behaalt een overtuigende zege. (Foto: Williams)
Einduitslag:
1 Nigel Mansell (Williams)
2 Alain Prost (McLaren)
3 Nelson Piquet (Williams)
4 Keke Rosberg (McLaren)
5 Ayrton Senna (Lotus)
6 René Arnoux (Ligier)
———————————–
7 Jacques Laffite (Ligier)
8 Michele Alboreto (Ferrari)
9 Martin Brundle (Tyrrell)
10 Alan Jones (Lola)
11 Philippe Streiff (Tyrrell)
12 Huub Rothengatter (Zakspeed)
Pole-tijd: 1’24”118 (Mansell)
Snelste raceronde: 1’25”443 (Piquet)
WK rijders:
Prost 29, Mansell 27, Senna 27, Piquet 19, Rosberg 14, Johansson 7, Laffite 7, Berger 6, Arnoux 6, Alboreto 3, Brundle 2, Fabi 2, Patrese 1
WK constructeurs:
Williams 46, McLaren 43, Lotus 27, Ligier 13, Ferrari 10, Benetton 8, Tyrrell 2, Brabham 1
Wordt vervolgd…