Wanneer het Formule 1-circus in het Belgische Spa neerstrijkt voor de vijfde wedstrijd van het seizoen 1986 is iedereen in de paddock nog steeds onder de indruk van het dodelijke ongeval van Brabham-rijder Elio de Angelis. De populaire Italiaan stierf een week eerder in het ziekenhuis van het Franse Marseille aan zijn verwondingen opgelopen bij een zware crash tijdens testritten op het Zuid-Franse Paul Ricard-circuit. Brabham vaardigt enkel Riccardo Patrese naar de race in de Ardennen af; vanaf de volgende race in Canada zal de Brit Derek Warwick het team versterken.

Al snel heeft men echter genoeg sportieve gespreksonderwerpen die de treurige proloog van het raceweekend naar de achtergrond doen verschuiven. In de eerste officiële kwalificatietraining op vrijdag staat immers een nieuwe ster op: de jonge Oostenrijker Gerhard Berger, die in zijn Benetton alle toprijders verrast en de voorlopig snelste tijd neerzet. Op zaterdag verliest hij zijn voorlopige pole dan wel aan Nelson Piquet (Williams), maar zowel Berger als zijn werkgever Benetton – dat nog maar aan de vijfde race onder deze naam bezig is – hebben de gevestigde orde voor het eerst tegen de schenen gestampt.

Berger kan op zondag echter niet lang van zijn riante uitgangspositie op de eerste rij genieten: in de eerste doortocht in de Source-haarspeldbocht, vlak na de start, wordt hij door de Lotus van Ayrton Senna en de McLaren van Alain Prost in de tang genomen. Zowel de Oostenrijker als de Fransman komen hierbij dwars te staan en moeten met lede ogen toezien hoe het hele veld hen passeert. Beiden kunnen uiteindelijk hun weg vervolgen, maar alle kansen op een dichte ereplaats of zelfs beter zijn meteen verkeken.

Vooraan neemt Nelson Piquet ondertussen autoritair het commando, terwijl achter hem de volgorde door de chaos bij de start flink door elkaar gehusseld is. Na een paar ronden valt de wedstrijd echter stilaan weer in de plooi en leidt de Braziliaanse tweevoudige wereldkampioen voor Ayrton Senna, Nigel Mansell in de tweede Williams – ondanks een spin in de Bus Stop-chicane – en het Ferrari-duo Stefan Johansson en Michele Alboreto. Piquet lijkt op weg naar een gemakkelijke zege, tot zijn motor na een vijftiental ronden plots de geest geeft. Senna en – dankzij de pitstops – Johansson leiden vervolgens kort de dans, maar beiden zijn uiteindelijk geen partij voor Mansell, die de kop overneemt en zijn eerste zege van het seizoen behaalt, voor Senna, Johansson, Alboreto, Jacques Laffite (Ligier) en Prost, die uit zijn achtervolgingsrace uiteindelijk nog één puntje weet te scoren. De wereldkampioen verliest op de koop toe ook nog opnieuw de leiding in de WK-stand aan Senna.

De Belgische Grote Prijs van 1986 is de laatste voor de Zwitser Marc Surer (Arrows). Kort nadien wordt hij het slachtoffer van een zware crash in de Duitse Hessenrally, wanneer hij in zijn Ford RS200 Groep B met hoge snelheid van de baan geraakt en tegen een boom te pletter slaat, waarbij zijn wagen in brand vliegt. Navigator Michel Wyder sterft in de vlammen, Surer zelf wordt ternauwernood gered. Hij heeft echter zware brandwonden opgelopen, die het einde van zijn racecarrière betekenen. Momenteel is hij nog steeds actief als Formule 1-commentator.

By SDG